DAT BEDOEL IK. 

Velen van ons kennen de mooie rode Opel Rekord waar Dick en Corrie als trouwe deelnemers aan de ritten en evenementen in rijden. Daarnaast heeft Corrie nog een Opel Kadett , met automatische versnellingsbak, om in het dorp de boodschappen te halen en om af en toe eens uit te lenen aan haar dochter die zelf geen auto heeft. De Rekord is al vanaf 1982  in hun bezit en eigenlijk is die auto nog steeds hun dagelijks vervoermiddel. Goede wegligging en met trekhaak, altijd handig om er een karretje achter te kunnen haken. Maar sinds vorig jaar heeft de Rekord concurrentie van een heel andere auto, namelijk een Chevrolet uit 1952. Met een mooie zacht groene kleur. Met veel kennis van zaken en veel liefde is de restauratie van de Chevrolet vorig jaar voltooid. Dit verhaal gaat over de restauratie van die wel heel bijzondere en mooie cabriolet.

Gekocht in 1979 via een advertentie in de Telegraaf kwam de Chevrolet (Skyline de luxe Convertible)  -na zijn eerste eigenaar in Frankrijk te hebben gehad- terecht in Woudenberg bij de familie van de Haar. Hieruit blijkt dat Dick ook al lange tijd een passie voor oldtimers heeft. Eigenlijk is dat niet verwonderlijk want Dick heeft van zijn werk zijn hobby gemaakt: begonnen als jongste bediende in het garagevak, is hij opgeklommen tot receptionist bij Garage  Honders in Utrecht en daarna jaren werkzaam geweest als hoofd aflevering bij de Opel dealer in Doorn.

In die begin periode was er geen tijd om de Chevy op te knappen en stond hij alleen maar in de weg. De auto werd verbannen naar een uithoek van de garage en het probleem werd nog groter toen door de komst van de jongste dochter het huis te klein werd en er gezocht moest worden naar een iets groter onderkomen. En wat te doen met een oldtimer bij een verhuizing? Zoals dat ook mij heel bekend in de oren klinkt, gaat alles wat eenvoudig te demonteren is in dozen en de dozen worden opgeborgen bij familie en wat niet in een doos past moet dan maar even in een leegstaand kippenhok of onder een zeiltje worden opgeborgen. In afwachting van betere tijden…….

In 1999 toen Dick de keuze had om door te worstelen aan zijn pensioenopbouw of om van zijn opgebouwde pensioen te gaan genieten, koos hij voor het laatste en werd ook de restauratie van de Chevrolet ter hand genomen. De dozen werden uitgepakt en het chassis totaal ontdaan van alles wat er nog aan zat. Deel voor deel werd schoongemaakt, gestraald en in de spuitcabine van zijn oude werkgever kon Dick alles coaten en spuiten. Dan bof je maar, zei ik. Dat bedoel ik, zei Dick. Ook het zoekwerk naar hoe iets in elkaar zat of het ontbrekende onderdeel begon. Gelukkig leerde Dick via een omweg een collega Opel-dealer kennen die heel toevallig ook bezig was met een Chevrolet van hetzelfde type. Is dat geluk hebben! Dat bedoel ik, zei Dick. Van groot nut bleek ook de originele onderdelen-catalogus met beschrijving van het aantal moeren, bouten en veerringen voor een onderdeel.

De motorrevisie is voor een zes cilinder met zuigerdiameter van zo’n 10 cm geen lichte klus, zo’n blok pak je niet even van je werkbank om hem om te draaien. De krukas zelf is al bijna niet te tillen, dus heeft Dick daar een aparte verplaatsbare en kantelbare motorophangsteun  voor gemaakt. Over het pasmaken van de carrosseriedelen hebben we uitgebreid  onze ervaringen kunnen delen, want zeker die Amerikanen namen het niet zo nauw als het ging om netjes in lijn lopende deuren, spatborden of kofferdeksel. Het is voor een buitenstaander veelal onbegrijpelijk waarom het plaatwerk er vele malen op en af moet voordat de auto echt strak is. En dat je dat moet doen voordat alles naar de spuiter gaat, zei ik. Dat bedoel ik, zei Dick.  Ook toen het plaatwerk glanzend uit de spuiterij terug kwam heeft hij veel  tijd besteed aan de opvulplaatjes bij de spatborden en de scharnieren van de kofferdeksel, maar het resultaat zie je. Ook om de elektrisch bedienbare cabriokap goed sluitend op de ramen aan de voorzijde te krijgen zijn vele uren, dagen, weken besteed, want de kapconstructie en raamstijlen bleken door een aanvaring met iets wat van boven kwam scheef getrokken te zijn.

Dick beschikt over een grote voorraad reserve onderdelen omdat hij zo verstandig is geweest om al lang geleden een  half Chevrolet onderstel, weliswaar een ander type maar wel van hetzelfde bouwjaar erbij te kopen. Je weet nooit waar het goed voor is, moet hij toen gedacht hebben. Weer zo’n hoop roest, moet Corrie gedacht hebben. Dat zo’n wrak altijd nog van pas komt, merkte Dick laatst nog  eens toen hij een niet meer verkrijgbaar rozetje voor zijn dashbord zocht en na lang en vergeefs zoeken op het idee kwam om eens onder het zeil in het kippenhok te kijken; jawel hoor, daar zat precies dat éne moertje wat hij nodig had.

De voltooiing kwam met de keuring in het najaar van 2005. Ook voor Dick en Corrie is het rijden zonder dak een geweldige ervaring, je zit midden in de natuur, je glijdt erdoorheen.

Vorig jaar zijn ze begonnen om het rijden in de grote slee onder de knie te krijgen en alle kinderziekten eruit te halen door eerst  kleine stukjes te rijden en dan iets grotere afstanden van huis weg te gaan. Ook Corrie was heel bezorgd (lees nerveus) in het begin. Niet over wat er onder de motorkap allemaal mis kon gaan (Dick vertelde het verhaal van een gescheurd membraan!) maar meer over de zachte bermen die nu eens rechts dan weer links onheilspellend dichtbij opdoken. Sturen is geen licht werk met zo’n grote wagen, het is een kunst op zich om op tijd de bocht te beginnen en dan halverwege de bocht het stuur los te laten zodat de auto toch nog op de goede weghelft de bocht uitkomt.

Ik ben heel benieuwd wanneer de VOC leden deze zacht groene beauty met eigen ogen kunnen bekijken.

Bogno

Sluit Menu